MENNO VON BRUCKEN FOCK

THE THEORY OF EVERYTHING

Artiest / Band: 
AYREON
AYREON

Vijf jaar na het niet door iedereen geliefde album 01011001, pakt Arjen Lucassen weer uit met een dubbelalbum. Net als op Tales From Topographic Oceans (1973) van Yes staan er vier epics van ruim twintig minuten op. Natuurlijk wordt het steeds moeilijker om origineel te zijn en aansprekende instrumentalisten en vocalisten te vinden, maar de meester is er wonderwel in geslaagd weer met een dijk van een bezetting te komen. Op The Theory Of Everything komen we zangers tegen die er niet om liegen: John Wetton (Asia, UK), Cristine Scabbia (Lacuna Coil), Tommy Karevik (Seventh Wonder, Kamelot), Marko Hietala (Nightwish), JB (Grand Magus) en de talenten Sara Squadrani (Ancient Bards) en Michael Mills (Toehider). Naast violist Ben Mathot, celliste Maaike Peterse, fluitist Jeroen Goossens en trouwe bondgenoot drummer Ed Warby, horen we kanonnen als Keith Emerson, Rick Wakeman, Jordan Rudess, Steve Hackett en Troy Donockley. Lucassen smelt klassieke muziek, volksmuziek, metal en elektronische muziek schijnbaar moeiteloos samen tot een bombastisch symfonisch geheel dat hij terecht als zijn meest progressieve werk tot nu toe bestempelt. Mills haalt in The Parting uit als Ian Gillan in zijn beste dagen, terwijl Hackett een virtuoze solo speelt. De MiniMoog-solo van Wakeman in The Diagnosis is goddelijk en Emerson laat de tijden van Lucky Man herleven met zijn machtige modulaire Moog. Het verhaal zou waar gebeurd kunnen zijn. Het album handelt over de zoektocht van een vader en uiteindelijk ook van zijn zoon naar The Theory Of Everything waarbij The Father zijn echtgenote (The Mother) en zijn zoon (The Prodigy) tamelijk veronachtzaamt. Zoonlief laat zich verleiden door The Rival, die hem meer drugs en fortuin voorspiegelt en kiest ogenschijnlijk het verkeerde pad. The Teacher, de vertrouwenspersoon voor The Prodigy, een psychiater (The Psychiatrist) en de drug die verslavend, maar ook geestverruimend werkt maken het plot compleet. Vader en zoon ‘vinden’ elkaar uiteindelijk, maar zij betreden ‘de andere wereld’ met hun oplossing voor ‘The Theory Of Everything’. Muzikaal klinkt het als wat we vandaag de dag als ‘typisch Ayreon’ kunnen omschrijven. In een stevige, maar ongelooflijk vloeiende stijl hoor je onder meer invloeden van Yes, Tangerine Dream, Pink Floyd, Jeff Wayne’s War Of The Worlds en klassieke componisten als Richard Wagner.

Het artwork is wederom een prachtig werkstuk van Jef Bertels, Arjens eigen Roger Dean. Een ultieme krachttoer van Lucassen en je vraagt je onwillekeurig af of het nóg beter kan…