MENNO VON BRUCKEN FOCK

JOHAN WESTERLUND, MIKAEL ISRAELSSON & PONTUS AKESSON

MOON SAFARI
maandag, januari 22, 2024
MOON SAFARI, 2023 (NL)

(Tekst Menno von Brucken Fock, eindredactie Peter Willemsen)

"Toen we erachter kwamen dat we met The Beach Boys werden vergeleken, hebben we ons kapot gelachen!"

De Zweedse band Moon Safari werd van origine gevormd tijdens de schooltijd rond 2003, toen de meeste bandleden nog geen twintig waren. Het leven van deze jongemannen speelde zich af in het stadje Skellefteå, gelegen aan de noordelijke oostkust van Zweden. In de oorspronkelijke bezetting zaten Simon Åkesson (zang, toetsen), Petter Sandström (gitaar, zang) en Johan Westerlund (bas, zang). De band werd gecompleteerd door Anthon Johansson (gitaar) en Tobias Lundgren (drums). Op de tweede langspeler Blomljud (2008) was Simons broer Pontus Åkesson (gitaar, zang) in de bezetting opgenomen. Op Lover’s End (2010), het daaropvolgende album, was Anthon Johansson niet meer van de partij en was Sebastian Åkesson (toetsen, zang) toegevoegd als zesde bandlid. Na Himlabacken, Vol. 1 (2013), het vierde studioalbum, bleef de band nog wel beperkt optreden. Drummer Tobias Lundgren was inmiddels vervangen door Mikael Israelsson. Daarna volgde er geen studiowerk meer.

Op het onlangs verschenen vijfde studioalbum Himlabacken Vol. 2 – liefst tien jaar na het uitbrengen van het eerste deel – klinkt de band als herboren. In gesprek met Johan Westerlund (JW), Mikael Israelsson (MI) en Pontus Åkesson (PA), die wat later aanschoof omdat hij de kinderen naar bed moest brengen, werd duidelijk waarom dit album zo lang op zich heeft laten wachten.

Allereerst van harte gefeliciteerd met dit fantastische nieuwe album! Hopelijk laat de opvolger niet weer tien jaar op zich wachten!

JW: “Ha, ha, zeer bedankt! Nee, we zijn denk ik nu wel klaar met kindjes maken, dus we hopen dat we eerder met een opvolger kunnen komen. We kunnen nu al verklappen dat de opvolger geen Himlabacken Vol. 3 zal heten.”

Ik probeerde via Google te achterhalen wat Himlabacken betekent. Dat blijkt ‘hemelse heuvel’ te betekenen en ik kwam uiteindelijk uit bij de plaats Solna vlak bij Stockholm en dat is toch wel erg ver van Skellefteå? Kun je dat verklaren?

JW: “Ja, dat is juist. Petter Sandström heeft een tijdje in Solna gewoond en stuurde ons een foto van die heuvel daar. Himlabacken in Skellefteå staat feitelijk niet op de kaart, maar is een heuvel waar wij als kinderen altijd speelden, zoals sleetje rijden, en waar we de beginselen van het skiën hebben geleerd.”

MI: “Boven op die heuvel staat een kerk. Daar kwamen we ook heel vaak en zongen we samen in het koor. Vandaar de benaming ‘hemelse heuvel’. Vandaag de dag is die heuvel onherkenbaar veranderd; de bomen zijn aanzienlijk groter en talrijker geworden en de kinderen spelen nu alleen nog maar binnen met videogames.”

Toch moet die plek erg belangrijk voor jullie geweest zijn omdat er twee albums naar vernoemd zijn?

JW: “We hebben die titel niet alleen gekozen omdat wij onze kindertijd grotendeels op die heuvel doorbrachten, maar primair omdat die titel vooral in het Zweeds erg goed klinkt.”

MI: “Het grappige is dat de overige bandleden allemaal zijn opgegroeid in Skellefteå. Momenteel ben ik de enige die hier nog woont! Sterker nog: als ik uit het raam kijk, kan ik die bewuste heuvel zien.”

PA: “Er zijn meerdere Himlabackens in Zweden en in Sundsvall is er zelfs een Himlabadet, een groot zwemparadijs.”

Wonen jullie nog steeds bij elkaar in de buurt, zodat je samen aan nieuwe songs kunt werken of maakt de band veel gebruik van internet?

PA: “Petter woont in Stockholm maar de rest van ons woont nog steeds in het Skellefte-gebied, de rivier waarnaar Skellefteå is genoemd, dus vrij dicht bij elkaar; maximaal twee uur rijden. Bijna altijd zijn we met zijn tweeën, drieën of vieren als we aan muziek werken en dan sturen we het resultaat nog diezelfde avond door naar de anderen, zodat zij hun input kunnen geven.”

JW: “Voor zover het de credits betreft, hebben we afgesproken dat degene die met het eerste concept komt van couplet-refrein-couplet als componist wordt genoemd. Echter, bij de langere songs is het eindresultaat feitelijk altijd een optelsom van de inbreng van alle bandleden.”

Mikael, sinds 2015 ben jij de drummer bij Moon Safari en je speelde ook piano op het nieuwe album. Voorheen speelde je bij Black Bonzo. Bestaat die band nog, want na 2009 kan ik geen ‘wapenfeiten’ meer vinden?

MI: “Black Bonzo bestaat niet meer, maar de jongens met wie ik in die band speelde, zijn nog steeds actief in de muziek, zij het meer in het pure rockgenre. Mijn instrument op de muziekschool was piano en ik ben pas gaan drummen toen bij Black Bonzo de band verliet. Ik zei toen ietwat overmoedig, dat ik dat ook wel kan! Die transistie bleek wonderwel goe uit te pakkenen ik heb daar ook veel plezier an beleefd!"

PA: “Toen Tobias Lundgren en zijn partner hun eerste kind verwachtten, was Mikael, die we al vanaf eind jaren negentig kennen, een voor de hand liggende keuze en het klikte direct geweldig. Hij bleek een enorme aanwinst voor ons te zijn.”

MI: “Het is wat lastig voor mij om hierop te reageren, want Tobias is een goede vriend van mij. Ik heb onlangs samen met hem naar het nieuwe album van Moon Safari geluisterd! Toen ik als vervanger voor Tobias gevraagd werd, woonde hij in Stockholm. Hij had een carrière bij een nieuwsblad waaraan hij veel tijd kwijt was. Ik denk dat de andere bandleden daardoor de indruk kregen dat zijn prioriteiten aan het verschuiven waren.”

JW: Ja, dat klopt! Daarbij droeg Tobias ook compositorisch niets bij. Kijk, in een sportteam heb je een coach die bepaalt welke spelers het beste zijn voor een team. Die hadden wij niet; we waren onze eigen coach. We hadden geen manager en als je zo’n tien jaar samen speelt dan is verandering soms nodig om de zaak weer in het gareel te krijgen. Voor ons bleek dat Mikael te zijn, maar het had ook een ander bandlid kunnen zijn!”

Er zijn veel voorbeelden van bands met daarin broers die problemen hebben en uiteindelijk vaak met ruzie uiteengaan. Dat lijkt bij Moon Safari met zelfs drie broers mee te vallen!

PA: “Ha, ha, ja, maar ik denk dat wij alles al in onze kindertijd hebben uitgevochten. We weten nu wat we aan elkaar hebben, wat we wel of niet kunnen zeggen. We hebben dezelfde normen en waarden en vrijwel dezelfde muzikale smaak, dus dat is juist een groot goed. We hoeven elkaar maar aan te kijken om te weten hoe de ander zicht voelt, waardoor we elkaar snel begrijpen. We zijn erg aan elkaar gehecht en dat is ook erg prettig voor onze opa’s en oma’s, ha, ha, ha!”

Vlakbij Stockholm zijn de Hi-Bit Studio’s gevestigd waar het zogeheten 198X spel is ontwikkeld. Wat is de relatie tussen dat spel en het nummer 198X op het nieuwe album?

JW: “Helemaal niets; dat is puur toeval. Deze track heette oorspronkelijk 1987, maar omdat we niet wilden dat de titel op een specifiek jaar zou slaan hebben we er 198X van gemaakt. Nee, gamefanaten zijn wij zeker niet!”

Het geluid van de synth in 198X doet mij heel erg denken aan het Oberheim-geluid dat Van Halen onder meer gebruikte op Dreams en Jump. Is dat een bewuste keuze?

PA: “We wilden in dit nummer bewust een hommage brengen aan Van Halen.”

MI: “En om dat te kunnen bewerkstelligen hebben we er inderdaad heel doelbewust naar gestreefd om dat toetsengeluid te reproduceren.”

Between The Devil And Me moet wel iets te maken hebben met Simon Åkesson. Sommige stukken doen mij erg aan The Alan Parsons Project denken trouwens…

JW: “Wauw, dat is een prima referentie, want wij vonden de show van Alan Parsons op de Cruise ’22 de meest indrukwekkende van de hele cruise! Maar dat gezegd hebbende: ik  geloof niet dat wij dat nummer hebben geschreven met het geluid van The Alan Parsons Project in ons achterhoofd, dus ook dat is puur toeval. En ja, dit nummer gaat over Simon. Toen hij in 2017 aankondigde de band te verlaten, zat hij in een diepe crisis en had hij het heel moeilijk. Even later had Simon al spijt en vroeg zich af waarom hij dit vertrek publiekelijk bekend had gemaakt. Ik vroeg hem wat zijn slechtste herinneringen aan die periode waren en op basis daarvan heb ik de tekst geschreven.”

PA: “Gelukkig gaat het nu dankzij wat professionele hulp en een andere medicatie weer goed met hem. Een verschil van dag en nacht! Simon vond de teksten zo toepasselijk dat hij ze met volle overtuiging heeft gezongen. De whisky heeft zijn stem weliswaar ietsje rauwer gemaakt, maar dat is ook het enige.”

Als ik goed heb geluisterd dan komt het thema uit Diamonds van Himlabacken Vol. 1 terug in het nummer Emma, Come On. Is Emma trouwens een echt personage of een fictief persoon?

JW: “Ik denk dat je gelijk zou kunnen hebben al is dit zeker geen opzet geweest. Oorspronkelijk kwam Simon met de keyboards op deze melodie als een soort intro en ik denk dat we dit volledig onbewust hebben opgepakt en vrijwel dezelfde melodie op gitaar hebben gebruikt. De tekst is door Petter geschreven en die is volgens mij geïnspireerd op de actrice Emma Stone.”

Beyond The Blue is gedeeltelijk a capella met een groot vertoon van vocale spreiding. Was dit nummer moeilijk om op te nemen? En hoor ik jaren tachtig invloeden in Blood Moon?

JW: “Op zich was Beyond The Blue niet lastiger om op te nemen dan de overige songs, denk ik. Het grappige is wel dat we het origineel als volledig a-capellanummer hadden bedacht.”

PA: “In Mika’s studio kreeg ik opeens een ‘pirates of the carribean’ gevoel. Mika voelde dat feilloos aan en zo kwam er een wat ander maar tegelijkertijd heel subtiel arrangement tot stand. Hier figureert hetzelfde personage als in Between The Devil And Me.  Deze track gaat over in Blood Moon en hier wilde ik mijn bas echt een beetje als die van John Deacon (Queen) laten klinken, dus inderdaad met wat invloeden uit de jaren tachtig. Het is wel apart dat dit Hades-onderwereldgevoel tijdens de opnamen tot stand is gekomen. De preproductie klonk echt totaal anders!”

MI: “Het was een heel wonderlijke sessie waarin we andere geluiden uitprobeerden, zoals een wat meer funky klinkende bas en het hele proces ging als het ware vanzelf.”

In een ander interview meldden Johan en Pontus dat diverse nummers nogal grondig zijn aangepast gedurende de afgelopen jaren. Was dat de nvloed van Richard Mouser?

JW: “Diverse songs lagen al jaren op de plank en we hadden daardoor genoeg tijd om andere arrangementen uit te proberen. Het idee om bijvoorbeeld die originele demo’s te gebruiken als toevoeging stond ons niet aan. We wilden alleen het eindproduct presenteren, omdat we daar allemaal achter staan. Het is ook echt niet zo dat we dagelijks aan deze nummers gewerkt hebben.”

MI: “Ik verkeer in de gelukkige positie dat ik een eigen studio heb. Daardoor had ik de mogelijkheid om van alles uit te proberen en zo heb ik een regen van probeersels naar de andere bandleden gestuurd. Stukje bij beetje zijn we zo tot het uiteindelijke resultaat gekomen.”

JW: “We hadden feitelijk al vier tracks klaar met Kjell Nästén, de producer van Lover’s End, toen we toch het idee kregen dat we niet voldoende vooruitgang boekten. In mei 2017 speelden we op ROSfest en daar bleek Richard Mouser de soundmixer te zijn voor de Neal Morse Band, dus tijdens de afterparty ontmoetten we hem en hebben we zo de eerste contacten gelegd. In 2022 ontmoetten we hem opnieuw tijdens de Cruise To The Edge als de geluidsman voor Transatlantic. Na een a-capellaoptreden kwam hij naar ons toe en liet hij zijn belangstelling voor onze muziek blijken. We hebben toen gegevens uitgewisseld. We zonden vervolgens het nummer 198X naar drie mogelijke kandidaten: Kjell Nästén, Jonas Reingold, de mixer van Himlabacken Volume 1, en Richard Mouser. De mix van Mouser was veruit de beste. Hij is een echte professional die het genre ook door en door kent en met hem zijn we feitelijk gewoon opnieuw begonnen. Wij zijn wel zelf de producers van het album.”

In Teen Angel Meets The Apocalypse zijn er passages te horen die beïnvloed zijn door klassieke muziek. Speelde een bepaalde componist hierbij nog een rol?

PA: “Ik geloof dat Petter met de eerste ideeën hiervoor kwam. Simon had nog wat stukjes muziek liggen en de eerste demo’s zijn van 2014, dus vooral aan dit nummer is heel veel geschaafd, ingevoegd en gearrangeerd. Ook tekstueel, vooral door de andere bandleden in de loop der jaren. Of een specifiek klassiek stuk of componist een inspiratiebron is geweest, is mij niet bekend.”

Hebben jullie allemaal een muzikale scholing gehad?

 

MI: “Ik heb op een muziekschool gezeten.”

PA: “Ik heb ook op een soort musical high school gezeten. Ik heb daar drie jaar les gehad, maar mijn voornaamste bron was thuis. Onze familie is ongelooflijk muzikaal. Mijn vader was koordirigent, dus mijn broers en ik waren altijd aan het zingen in de auto. Daar komen ook die vocale harmonieën vandaan. Tijdens de opleiding heb ik mij vooral toegelegd op gitaarspelen en muziektheorie. Simon heeft diezelfde basis gehad en leerde al vroeg piano spelen. Hij luisterde veel naar jazzmuziek en hij heeft de gave om zich honderdtien procent in te zetten. Ik denk dat Simon het grootste muzikale brein in de band is. Hij is ook in staat om in luttele minuten een compleet vocaal arrangement te bedenken.”

JW: “Ik heb geen muzikale opleiding genoten. Petter trouwens ook niet, maar wij wisten al vroeg dat we een band wilden beginnen. We hadden veel ideeën maar dus geen scholing.”

PA: “Jullie hebben veel meer naar muziek geluisterd dan wij. Wij luisterden veel naar vocale groepen en we kenden The Beatles, maar jullie kenden die muziek van Genesis en Yes al. Jullie wisten meteen welk muziekgenre wij zouden gaan spelen.”

JW: “Ik denk dat Petter ook een enorme fan van The Beatles was en dat was onze gemeenschappelijke binding. Simon is niet opgegroeid met The Beach Boys of The Beatles. Hij is er dus ook niet door geïnspireerd, zoals veel mensen denken. Zijn voorbeelden waren artiesten uit de jaren vijftig, zoals de Hi-Lo’s en vooral Gene Puerling, jazzarrangeur bij uitstek. Ik denk dat Brian Wilson (The Beach Boys) een soortgelijke inspiratiebron gehad heeft. Toen we erachter kwamen dat we met The Beach Boys werden vergeleken, hebben we ons kapot gelachten!”

In een interview met twee Amerikanen beschreef Johan dat Himlabacken deel 1 zou gaan over het opgroeien als kind en deel 2 over volwassen worden en de problemen en  verantwoordelijk-heden die daarmee samengaan. Is dat zo?

JW: “Het eerste deel gaat inderdaad tekstueel veel over onze eigen jeugd en voor deel 2 heeft Petter diverse teksten geschreven die meer als levenslessen voor (zijn) kinderen zijn bedoeld. Onze ervaringen van de afgelopen tien jaar zijn daarin ook aan bod gekomen.”

Ik vond het opvallend dat op de cover van deel 1, dat dus vooral over jullie jeugdjaren gaat, een volwassen man staat afgebeeld, maar op deel 2 staat een kind, terwijl de teksten vooral over volwassenheid gaan. Is dat een bewuste keuze?

JW: “Aha, dat is jou dus opgevallen! Nou, er zit niets geheimzinnigs achter hoor. Bij ons is vlak bij een vlotterijstation, waar ze boomstammen via de rivier transporteren. We vonden die foto gewoon erg mooi om op de cover te gebruiken. Het kind op de foto van deel 2 is de vader van Petter Sandström dus ook uit onze eigen omgeving.”

PA: “Deze foto is genomen door de grootvader van Petter en dateert uit begin jaren vijftig!”

Pontus, op deel 1 staat een liedje dat jij speciaal voor jouw zoontje schreef, die nu een jaar of twaalf zal zijn. Krijgt dat nog een vervolg en hoeveel kinderen hebben jullie nu inmiddels?

PA: “Ha, ha, dat klopt inderdaad, hij is met Kerstmis twaalf geworden en misschien schrijf ik over enkele jaren een liedje over hem als tiener! Op deel 2 staat overigens het nummer A Lifetime To Learn How To Love, dat ik schreef voor mijn dochtertje die toen twee jaar was, maar die nu al acht is! Alle bandleden samen hebben nu zestien kinderen. Simon heeft het grootste gezin met vier kinderen.”

 JW: “Ja, en Pontus heeft ook nog bonuskinderen…, ha, ha.”

Met een pauze van tien jaar kan ik me niet voorstellen dat jullie van Moon Safari kunnen leven. Dus naast de band hebben jullie allemaal ander werk neem ik aan?

JW: “Helaas wel en dat is spijtig. Onze reguliere dagelijkse bezigheden moeten brood op de plank brengen, maar de muziek is en blijft onze passie en ons intense plezier.”

PA: “O, we zouden graag willen dat we van onze muziek zouden kunnen leven!”

MI: “Ik heb een homestudio waarmee ik wel wat geld verdien voor het maken van commercials bijvoorbeeld, maar niet voldoende om van te kunnen leven, dus ook ik heb een reguliere baan.”

JW: “Simon toert ook veel met de vocale groep Accent, dus van ons allen is hij nog het meest met muziek bezig.”

In de meer epische tracks lijkt de band wat meer van het ‘Yes meets The Beach Boys’ stramien af te wijken. Was dat misschien een bewuste keuze?

MI: “Ik denk dat als je de songs zou horen, zoals ze oorspronkelijk bedacht zijn, dat er niet zo veel verschillen zijn. Wel vinden we dat de arrangementen, de geluiden en de sfeer wel heel duidelijk van een hoger niveau zijn.”

JW: “De inbreng van Mikael heeft ook geleid tot een heel ander bandgeluid. Daar bedoel ik niet alleen zijn manier van spelen mee. Ik denk dat de gitaren nu anders klinken dan voorheen en voor mij was het erg gemakkelijk om met hem samen te spelen! Het is gewoon allemaal wat strakker en frisser geworden.”

De toevoeging van Epilog is gezongen in het Zweeds. Vanwaar die  keuze?

JW: “Dat was een idee van Petter, de tekst ook trouwens. Ik geloof dat hij met Simon heeft gebeld om te vragen of we niet een soort hymne voor deel 2 zouden kunnen opnemen, gezien de relatie van Himlabacken met de kerk op die heuvel waar wij altijd zongen. De melodielijnen en tekst zijn van Petter en Simon heeft gezorgd voor het arrangement. Omdat deze hymne in het Zweedse songboek zou komen was het ook logisch om het nummer in het Zweeds op te nemen.”

PA: “De melodieën zijn ook terug te voeren op het openingsnummer Kids op deel 1 en daarmee is voor ons gevoel deze epiloog ook een  mooi einde voor dit album en het thema van Himlabacken. We zijn allemaal in dezelfde omgeving opgegroeid en voordat we van school gingen, werd op de laatste dag voor onze zomervakantie het schooljaar altijd afgesloten in de kerk op die hemelse heuvel, waar we ook altijd zongen.”

JW: “Ja, dat was in juni, een magische tijd waarin alles begint te groeien en te bloeien en daar zaten wij met keurig gekamde haren en met foeilelijke schoenen zingend te wachten tot de deuren open zouden gaan: de vrijheid en de vakantie tegemoet!”

Inmiddels heeft Moon Safari  vijf albums gemaakt. Hebben jullie persoonlijke favorieten tussen al die songs?

JW: “Dat is geen gemakkelijk te beantwoorden vraag, maar een song als A Kid Called Panic vind ik wel heel sterk. Die doet het live ook altijd erg goed. Lover’s End, part III is ook een van mijn favorieten.”

PA: “Voor mij is The World’s Best Dreamers heel speciaal. Dat nummer hebben we niet vaak live gespeeld, maar ik vind het heel mooi: een prachtig refrein met driestemmige zang, een simpele maar o zo mooie melodielijn met een aflopende toonladder plus een mooi en speels stukje muziek tussendoor, dat ook heel simpel lijkt maar best een lastige maatsoort heeft. Omdat we de songs op Himlabacken Vol. 2 nog niet allemaal live gespeeld hebben, moeten die voor ons ook nog groeien maar ik denk echt dat dit album het beste is wat we tot nu toe hebben uitgebracht.”

JW: “Ik denk dat Between The Devil And Me een van mijn favorieten zal worden. Het is weliswaar een nieuwe song, maar die we al wel een aantal keren live gespeeld hebben en het voelde steeds super!”

Mikael is inmiddels niet meer bij dit gesprek aanwezig dus ik kan het nu gemakkelijker vragen: maakt zijn komst verschil?

JW: “Oh, ja, zeker weten! Niet alleen met zijn spel, maar ook het simpele feit dat we oudere nummers opnieuw moet repeteren geeft nu de mogelijkheid om aandacht te besteden aan details waar we voorheen eigenlijk geen aandacht aan schonken. Daarnaast hebben zijn energieke speelwijze met een ander drumgeluid de overige bandleden een enorme impuls gegeven. Dus ja, drums zijn van fundamenteel belang voor een band, zodat we niet anders kunnen zeggen dan dat hij een enorm positieve invloed op de band als geheel heeft!”

Ben je niet bang dat optredens maanden na het uitbrengen van een album tot lagere bezoekersaantallen zullen leiden?

JW: “Nee, niet echt. We toerden in Europa na deel 1 van Himlabacken en we speelden in Spirit Of ’66. Haken had enkele dagen voor ons daar gespeeld terwijl ze toen net het album The Mountain hadden uitgebracht, achteraf voor hen een doorbraak. Op dat moment kende niemand dat album nog en ze speelden daar voor een handjevol betalende bezoekers, terwijl ze een jaar later voor uitverkochte zalen speelden, dus ik bedoel maar…”

Alle bandleden hebben regulier werk en een gezin, dus hoe realistisch is het om op een wereldtournee te gaan? Tot dusver slechts één optreden gepland. Komen er meer optredens en doet de band dan ook Nederland aan?

JW: “Dat laatste gaan we zeker proberen! Tot nu toe hebben we ons geconcentreerd op het uitbrengen van dit album. We moeten ons nog beraden op wat we verder gaan doen. Dat is mede afhankelijk van de reacties van de fans op dit album. Enerzijds willen we niet graag al te lang weg bij onze kinderen, maar anderzijds – al zouden we er geld op verliezen – zo’n tournee van een paar maanden zou fantastisch zijn, want we vinden het heerlijk om live te spelen. We zullen toch eerst moeten afwachten welke deuren er voor ons open gaan na het uitbrengen van dit album! Omdat we allemaal een baan hebben, zit een wereldwijde tournee er normaalgesproken niet in, dus we zullen steeds korte series van optredens moeten doen. We zullen in mei wel enkele shows doen, maar vóór de herfst van 2024 zullen we geen optreden in Nederland kunnen realiseren.”

PA: “Als we gaan toeren zal dat in segmenten gebeuren: een paar weken Europa, dan een paar weken Azië, een paar weken VS enzovoort.”

JW: “In 2014 speelden we op Baja Prog en vervolgens op de Cruise To The Edge. We kregen toen een aanbod om met Yes te gaan toeren in de VS maar Tobias en zijn vrouw hadden net een kind gekregen. Hij werd vervangen door Mikael, maar die had thuis ook net gezinsuitbreiding, dus het aanbod was prachtig maar de timing kon niet ongelukkiger. Vette pech voor ons.”

Discografie:

A Doorway To Summer (2005), Blomljud (2008), Lover's End (2010), Himlabacken Vol. 1 (2013), Himlabacken Vol. 2 (2023)

Live:

The Gettysburg Address (2012), Live in Mexico (2014)

Bezetting:

Petter Sandström: zang, achtergrondzang, akoestische gitaar, Simon Åkesson: zang, achtergrondzang, toetsen, Pontus Åkesson: zang, achtergrondzang, sologitaar, akoestische gitaar

Sebastian Åkesson: achtergrondzang, toetsen, percussie, Mikael Israelsson: achtergrondzang, drums, percussie, toetsen, Johan Westerlund: zang, achtergrondzang, basgitaar.

Gastmusicus:

Jamison Smeltz: saxofoon op Forever